
David Bowie 1976
Inleiding
Na de uitgave van het Young Americans album leek het alsof David Bowie de soulmuziek trouw zou blijven. Maar zijn volgende album werd een overgangsalbum, alweer.
Problemen
Medio 1975 ging het slecht met David Bowie. Hij had (financiële) problemen met zijn oud manager Tony Defries die hij recent had ontslagen. Maar het echte probleem was zijn cocaïne verslaving, die tot astronomische hoogten zou stijgen (zie ook de cocaïne gebruik info grafiek in het Young Americans artikel).
Begin 1975 verhuisde Bowie naar Los Angeles, ter voorbereiding op zijn eerste filmrol in de Nicholas Roeg verfilming van The Man Who Fell To Earth. In Los Angeles werd de verslaving van Bowie steeds heviger. Zijn paranoia was berucht (zo was hij ervan overtuigd dat heksen zijn sperma wilden stelen), hij zag mensen van gebouwen vallen, weigerde liften te gebruiken (vanwege hoogtevrees) en leefde op rode en groene pepers, melk en cocaïne; op een bepaalde moment woog Bowie nog slechts 40 kilo. In de biografie Bowie: A Biography uit 2009 stelt Bowie tevens dat het hem vriendschappen kostte: “If you really want to lose all your friends and all of the relationships that you ever held dear, [cocaine is] the drug to do it with.” De drugs hielden hem wakker, soms drie tot vier dagen achter elkaar.

David Bowie – Grammy Awards 1975
Op 1 maart 1975 reikte hij een Grammy uit aan Aretha Franklin. Hij hield een onsamenhangend verhaal en zag er angstaanjagend dun uit.
I was in a very serious state. You just have to look at some of the photographs of me, I cannot believe I actually survived it. You can see me at the Grammies, for instance, with Lennon, it terrifies me. It’s a skull. There’s not an ounce on me. I’m just a skeleton.
David Bowie, Mojo magazine, juli 2002
Ook (ex-)medewerkers maakten zich zorgen. Mick Ronson, die van 1970 tot en met 1973 met Bowie samenwerkte, was één van hen. In de eerste helft van 1975 zei hij het volgende.
I wish that Dave would get himself sorted out. He’s so very confused – I know he is. What he really needs is to have some good friends around him. I’ll tell you he hasn’t got one good friend now. He needs somebody around him to say, “David fuck off, you’re fucking stupid.” He needs one person who won’t bow to him.
Mick Ronson, Melody Maker, 5 april 1975
En dan te bedenken, dat toen het dieptepunt nog moest komen.
Zijn mentale gezondheid werd verergerd door een groeiende interesse in occulte zaken, wat in een obsessie uitmondde. Dankzij (Led Zeppelin’s) Jimmy Page kwam Bowie in aanraking met Aleister Crowley, de satanist en ‘profeet’. Hij las alles wat los en vast zat, met een voorliefde voor religie, de Kabbalah, zwarte magie, etc. De onderwerpen zouden de teksten van zijn komende album beïnvloeden.
Zijn halfbroer was gediagnostiseerd met schizofrenie en had (epileptische) aanvallen. Zijn broer en zijn ziekte hadden een enorme impact op Bowie. De angst die Bowie had die ziekte ook te hebben/krijgen werd in zijn cocaïne periode alleen maar groter.

David Bowie – The Man Who Fell To Earth – Poster
The Man Who Fell To Earth
Na een gesprek dat begin 1975 plaatsvond tussen regisseur Nicholas Roeg en Bowie over een eventuele rol in Roeg’s volgende film, The Man Who Fell To Earth, waren beiden enthousiast. Bowie zegde toe. De opnamen vonden plaats van 2 juni tot en met 25 augustus 1975 in New Mexico. Regisseur Nicholas Roeg eiste dat Bowie geen cocaïne zou gebruiken tijdens de opnamen, een belofte waar hij zich grotendeels trouw aan hield. Volgens de verhalen deed hij actief mee, was goed voorbereid en was altijd op tijd.
Bowie zelf herinnerde zich dat overigens geheel anders.
I just learned the lines for that day and did them the way I was feeling. It wasn’t that far off. I actually was feeling as alienated as that character was. It was a pretty natural performance. …a good exhibition of somebody literally falling apart in front of you. I was totally insecure with about 10 grams [of cocaine] a day in me. I was stoned out of my mind from beginning to end.
Movieline magazine, april 1992
Tussen de opnamen door las hij veel (Bowie claimde zelfs dat hij 400 boeken mee had), maar schreef ook teksten, korte verhalen, én maakte een begin met zijn autobiografie, die hij The Return of the Thin White Duke noemde (met een geplande publicatiedatum van december 1975). Bowie schreef ook muziek, waarvan een deel was bedoeld voor de soundtrack van de film.
Na de opnamen betrok Bowie een nieuwe woning in Los Angeles, waar zijn mentale en fysieke gezondheid nog verdere zou imploderen. Bowie trachtte muziek op te nemen met Iggy Pop, (The Rolling Stones’) Ron Wood en ook met Paul Buckmaster (die Bowie kende van zijn eerste hit Space Oddity), waarmee hij atonale muziek opnam voor de soundtrack voor de film The Man Who Fell To Earth. Alle opnamen leidden tot niets, Bowie’s muziek zou geen onderdeel van de soundtrack gaan uitmaken.
Naast de ervaring van acteren en film, hield Bowie nog iets heel belangrijks over van The Man Who Fell To Earth film, namelijk het Thomas Jerome Newton karakter dat Bowie speelde in de film. Voor zowel Station To Station als Low zou Bowie het Newton imago gebruiken, inclusief uiterlijk en kleding. De Newton rol inspireerde ook Bowie’s volgende (muzikale) rol: Thin White Duke, de ongebonden, emotieloze en wrede megalomaan.

David Bowie – Station To Station
Station To Station
Op 23 januari 1976 bracht David Bowie zijn tiende studio album uit met de titel Station To Station. Het album was het resultaat van opnamesessies die hadden plaatsgevonden in de Cherokee Studios in West Hollywood, Los Angeles, van 21 september tot november/december 1975. Ondanks de enorme hoeveelheden drugs die werden gebruikt was het resultaat van de opnamen ronduit spectaculair. Het album bevat meerdere vocale hoogtepunten uit Bowie’s carrière. Bowie maakte soms dagen van meer dan 26 uur.
Hij had een vaste set van muzikanten om zich heen verzameld, waar hij de komen de jaren veel mee zou samenwerken. Er kwamen regelmatig gasten langs, zoals Jeff Beck, Bonnie Raitt, Frank Sinatra, Ronnie Wood en Bobby Womack, waar Bowie soms mee jamde. Een andere gast, Bruce Springsteen & The E Street Band pianist Roy Bittan, speelde piano op het album. In 2015 zei Bittan “It’s one of my favorite projects I’ve ever worked on.”
De eerste single van het album werd al op 3 november 195 uitgebracht. Golden Years was een hit en leek de route die Bowie had ingeslagen met zijn Young Americans album te bestendigen. Maar, zoals vaker het geval is, zijn singles niet altijd een goede weergave van het album waar ze vanaf zijn geplukt. Station To Station was Bowie’s meest ‘volwassen’ muzikale statement tot dan toe. De muziek borduurde voort op zijn voorgaande album, met soul en (met name) funk invloeden, aangevuld met krautrock en elektroniche muziek invloeden, waarbij bands als Kraftwerk, Neu! en Can als inspiratie golden.
Het album bevat één cover die Bowie opnam als eerbetoon aan Nina Simone, wiens 1966 versie van Wild Is The Wind Bowie inspireerde het zelf op te nemen. Toen Frank Sinatra hem complimenteerde met de opname en zijn zang besloot Bowie het op Station To Station te plaatsen. Met slechts 6 nummers en 36 minuten muziek is het album redelijk kort, maar de muziek gaat alle kanten op. Dat komt het meest overtuigend tot uiting in het openingsnummer, Station To Station, wat ruim 10 minuten duurt en zich muzikaal van artrock naar soul/funk/disco ontwikkelt en verschillende tempo’s kent. Het intro waar een trein van rechts naar links over de boxen klinkt is geheel ontwikkeld door gitarist Earl Slick, die met flangers en delay effecten een heel overtuigend treingeluid uit zijn gitaar weet te halen.
Naast de funk/soul van Golden Years, de Roxy Music achtige art-rock van TVC15 en de funky groove in Stay vallen de beide ballads op als hoogtepunten. Word On A Wing en Wild Is The Wind zijn beide relatief lang en vooral prachtig gezongen. Zeker Wild Is The Wind wordt gerekend tot één van de mooiste zangpartijen die Bowie ooit opnam. Toch opvallend, gezien de fysieke en mentale staat waarin Bowie verkeerde tijdens de opnamen.
Tekstueel is het album ambivalent, maar overwegend donker van toon. De openingszin alleen al, “The return of the thin white duke / Throwing darts in lovers’ eyes” schetst een donker beeld van geliefden en liefde in het algemeen. Maar wat is dat eigenlijk, die liefde? “It’s not the side-effects of the cocaine / I’m thinking that it must be love”. Ook in Golden Years is er weinig licht: “Run for the shadows, run for the shadows / Run for the shadows in these golden years”. In Word On A Wing heeft Bowie een interne conversatie met God, waar hij tijdens de opnamen van de The Man Who Fell To Earth film voor het eerst echt over nadacht: “My prayer flies like a word on a wing / Does my prayer fit in with your scheme of things?”.
TVC15 schijnt geïnspireerd te zijn door een hallucinatie van Iggy Pop, waarin Pop’s vriendin door Bowie’s televisie werd verorberd… “I brought my baby home, she, she sat around forlorn / She saw my TVC 15, baby’s gone, she / She crawled right in, my, my, she crawled right in my / So hologramic, oh, my TVC 15”. In Stay is Bowie eenzaam, verveeld (door de sleur van verslaving?) en is op zoek naar connectie: “Stay this time, I really meant to so bad this time / ‘Cause you can never really tell / When somebody wants something you want too”. In het afsluitende Wild Is The Wind, het enige nummer dat niet door Bowie is geschreven, is de openingszin in al zijn eenvoud en zeggingskracht intens ontroerend, “Love me, love me, love me / Love me, say you do”.
Het grote thema op het album is wellicht Bowie’s eenzaamheid en zijn (on)vermogen echte connectie te maken. In interviews uit die tijd (zie ook het subartikel David Bowie – De grote 1976 interviews) stelde hij ook dat hij nog nooit echt van iemand had gehouden, ook niet van zijn toenmalige vrouw, Angie. Bowie houdt afstand, maar wil meer.

David Bowie – Station To Station – Kleurenhoes
Albumhoes
De albumhoes bevat een foto (gemaakt door Steve Schapiro) van Bowie op de set van The Man Who Fell To Earth, waarin zijn karakter Newton de ruimtecapsule binnenstapt om hem naar zijn planeet terug te brengen. Het eerste idee was om de grotere kleurenfoto te gebruiken voor de hoes, maar Bowie koos voor een kleinere zwart-wit uitsnede.
Een goede keuze: de zwart-wit uitstraling past goed bij de thematiek van het album en het karakter van The Thin White Duke. De kleurenhoes is later gebruikt op heruitgaven van het album, merendeels gedurende de jaren (19)90.
Ontvangst
In tegenstelling tot het voorgaande Young Americans waren de recensies van Station To Station overwegend positief, met uitzondering van de erg negatieve recensie van de Amerikaanse recensent Dave Marsh.
- “a strange and confusing musical whirlpool where nothing is what it seems” en “one of the most significant albums released in the last five years”.
(NME) - “a great record of our time”
(Sounds, John Ingham) - “the thoughtfully professional effort of a style-conscious artist whose ability to write and perform demanding rock & roll exists comfortably alongside his fascination for diverse forms… while there’s little doubt about his skill, one wonders how long he’ll continue wrestling with rock at all”
(Rolling Stone, Teri Moris) - “the most significant advance in LP filler since Lou Reed’s Metal Machine Music” en “it’s rather appalling that the best thing [Bowie] can think of doing with his talent currently is fool around.”
(Dave Marsh, Fort Lauderdale News) - “a wail and throb that won’t let up”, “a beautiful, swelling, intensely romantic melancholy” en “his (first) masterpiece”.
(Lester Bangs, Creem) - “TVC 15 [is my] favorite piece of rock and roll in a very long time” en “spaceyness has always been his shtick, and anybody who can merge Lou Reed, disco, and Dr. John… deserves to keep doing it for five minutes and 29 seconds”
(The Village Voice, Robert Christgau)
Heden ten dage wordt de term “meesterwerk” regelmatig gebruikt als het gaat om Station To Station, zoals dat voor meer Bowie albums geldt. Station To Station is veel te vinden in “all-time best” lijstjes, boeken en artikels.

David Bowie – Station To Station – Reclame
Bowie’s mening?
Waar Bowie een duidelijke mening vormde over Young Americans, was hij minder duidelijk over Station To Station.
I compromised in the mixing. I wanted to do a dead mix… All the way through, no echo… I gave in and added that extra commercial touch. I wish I hadn’t.
Nicolas Pegg, The Complete David Bowie, 2016
Hij ging in 1977 kort in op het gevoel van afstandelijkheid op Station To Station.
[The album was] devoid of spirit… Even the love songs are detached, but I think it’s fascinating.
Richard Riegel, Creem, april 1977
Van de opnamen heeft hij weinig meegekregen, hij kon zich weinig tot niets meer herinneren van het werk in de studio.
I can only think of one incident on Station To Station – it’s the only thing I can remember and that was trying to get Earl Slick… I remember working with Earl on the guitar sounds out in the studio itself and screaming the feedback sound that I wanted at him! I remember doing that! I also remember telling him to take a Chuck Berry riff and just play it all the way through the solo – don’t deviate, just play that whole riff over and over again, even though the chords are changing underneath, just keep it going. He said “what, man?”, I said, “It’ll work! It’ll work!” That’s about all I remember. I can’t even remember the studio. I know it was in LA because I’ve read it was in LA…
Planet Rock Profiles, november 1998
en
I would say a lot of the time I spent in America in the ’70s is really hard to remember, in a way that I’ve not seen happen to too many other artists. I was flying out there – really in a bad way. So I listen to Station To Station as a piece of work by an entirely different person.
Q magazine, februari 1997
Recensie
Over Young Americans schreef ik dat ik dat het beste album vond van alles wat daarvoor kwam. Dat geldt voor mij ook voor Station To Station. De soul, funk, (kraut/art)rock op het album smelten perfect samen en maken het luisteren naar dit album een prachtige ervaring.
Evenaart het daarmee Low, “Heroes”, Lodger of Scary Monsters? Nee, die albums staan op eenzame hoogte. Maar Station To Station is een onmisbare schakel tussen de ‘vroegere’ Bowie en de onovertroffen Berlijn trilogie.


David Bowie – Station To Station – Singles
Singles
Er zijn drie singles van het album uitgebracht.
- Golden Years
(uitgebracht op 21 november 1975) - TVC 15
(uitgebracht op 30 april 1976) - Stay
(uitgebracht in juli 1976)

David Bowie – Station To Station – Hoes achterkant
Nummers
Alle nummers geschreven door David Bowie, behalve Wild Is The Wind, muziek door Dimitri Tiomkin, tekst door Ned Washington.
- Station To Station
- Golden Years
- Word On A Wing
- TVC 15
- Stay
- Wild Is The Wind

David Bowie – Station To Station – Binnenhoes
Muzikanten
- David Bowie – zang, gitaar, saxofoon, Minimoog, Mellotron
- Carlos Alomar, Earl Slick – gitaar
- George Murray – bas
- Dennis Davis – drums
- Roy Bittan – piano, orgel
- Warren Peace – achtergrondzang
- Harry Maslin – melodica, synthesizer, vibrafoon, saxofoon
Promotie
Ter promotie van het album was Bowie te gast in een aantal televisie programma’s en deed interviews, met, op zijn zachts gezegd, gemengde resultaten.
Op 3 november 1975 was Bowie te gast in Soul Train. Hij was de tweede blanke muzikant ooit die in het programma aantrad. Hij werd kort geïnterviewd en playbackte Golden Years. Hij was dronken en dat was te merken, hij vergat delen van de tekst en bewoog opmerkelijk. De opnamen werden op 3 januari 1976 uitgezonden. Op 28 november 1975 werd hij via satelliet geïnterviewd in de Engelse Russel Harty show, waar Bowie afwezig overkwam en ontwijkende antwoorden gaf.

David Bowie – 1976 interviews
Interviews
In 1976 verschenen meerdere interviews met Bowie in magazines, kranten en tijdschriften. De twee grootsten waren met Rolling Stone en Playboy, respectievelijk gepubliceerd op 12 februari en september 1976. Hierin deed Bowie een aantal opmerkelijke uitspraken.
Rolling Stone, 12 februari 1976
You could probably hear from Young Americans that I’m on an upper. It’s the first record I’ve actually liked since Hunky Dory.
Now. I’m all through with rock & roll. Finished. I’ve rocked my roll. It was great fun while it lasted but I won’t do it again.
Rock has always been the devil’s music. You can’t convince me that it isn’t.
Actually, I wonder… I think I might have been a bloody good Hitler. I’d be an excellent dictator. Very eccentric and quite mad.
Cameron Crowe, Rolling Stone, 12 februari 1976
Playboy, september 1976
(What did you think of Barbara Streisand’s recording your song “Life on Mars”?) Bloody awful. Sorry, Barb, but it was atrocious.
I got into rock because it was an enjoyable way of making my money and taking four or five years to puzzle my next move out.
The only art I’ll ever study is stuff that I can steal from. I do think that my plagiarism is effective.
I’d love to enter politics. I will one day. I’d adore to be Prime Minister. And, yes, I believe very strongly in fascism.
Television is the most successful fascist, needless to say. Rock stars are fascists, too. Adolf Hitler was one of the first rock stars.
All my albums are just me acting out certain poses and characters. That’s why I’m not entirely proud of a lot of my records.
Cameron Crowe, Playboy, september 1976
Met name de opmerkingen over fascisme zouden Bowie later nog opbreken, zeker na zijn komst naar Engeland in mei 1976. Een week voordat hij in Engeland aankwam sprak hij met de Zweedse pers.
As I see it I am the only alternative for the premier in England. I believe Britain could benefit from a fascist leader. After all, fascism is really nationalism.
26 april 1976
De volledige Rolling Stone en Playboy interviews uit 1976 zijn integraal opgenomen in het subartikel David Bowie – De grote 1976 interviews.

David Bowie – Isolar Tour programma (including envelope)
Isolar Tour
De beste promotie die Bowie deed voor zijn Station To Station album was de Isolar Tour, die Bowie door Noord-Amerika en Europa voerde. Van 2 februari tot en met 18 mei speelde Bowie 64 concerten, die enthousiast werden ontvangen. Op Wild Is The Wind na werd het hele Station To Station album gespeeld, aangevuld met ouder werk en covers, waaronder een prachtige en originele uitvoering van The Velvet Underground’s I’m Wating For The Man.
Bowie schitterde tijdens de concerten, die werden gekenmerkt door drive, opwindende uitvoeringen, Bowie die zong op de toppen van zijn kunnen en een setlist die recht deed aan waar Bowie’s carrière zich op dat moment bevond.

David Bowie – Victoria Station incident – 02-05-1976
Victoria Station
De Isolar Tour bracht Bowie ook weer naar Engeland. Op 2 mei 1976 kwam Bowie aan in Victoria Station in Londen, waar hij werd begroet door een uitzinnige menigte. Hij kwam aanrijden in een open-top Mercedes, zwaaiend naar de menigte. Fotograaf Chalkie Davis was aanwezig en maakte foto’s:
Unfortunately because of the gloomy late afternoon light at Victoria Station I used fill in flash on the four or five frames I managed to rattle off before he split.
When I showed the image to the NME the following day they decided to enhance his left arm by drawing a hand on the image, because of the flash it was partly missing. But when we saw the paper on Wednesday it looked very much like he was giving a Nazi salute.
Chalkie Davis, chalkiedavis.com, 30 juni 2016
De foto, de eerdere uitspraken over fascisme en Hitler en zijn arrestatie aan de Poolse grens vanwege Nazi literatuur, zorgden voor veel media aandacht. De NME kopte “Heil and farwell”. Niet alleen het publiek was geschokt. Ook de Amerikaanse inlichtingendienst FBI veranderde de typering van Bowie in zijn dossier van “kooky” en “subversive” naar “would-be-demagogue” en “apparent Nazi sympathiser”.
Bowie claimde later dat de invloed van drugs hem tot de uitspraken hebben geleid. in oktober 1977 sprak Bowie met het Engelse Melody Maker over de beruchte foto.
That didn’t happen. THAT DID NOT HAPPEN. I waved. I just WAVED. Believe me. On the life of my child, I waved. And the bastard caught me. In MID-WAVE, man. And, God, did that photo get some coverage… As if I’d be foolish enough to pull a stunt like that. I died when I saw the photo. And even the people who were with me said, “David! How could you?” The bastards. I didn’t… GOD, I just don’t believe in all that.
Melody Maker, 29 oktober 1977
De uitspraken en foto van Bowie hebben een rol gespeeld in de Rock Against Racism beweging in Engeland. Bowie heeft nog jaren nadien nadrukkelijk over fascisme en racisme gesproken, ook in zijn teksten, en zich nadrukkelijk gedistantieerd van het gedachtengoed.

Welkom thuis David (02-05-1976)
Weer naar Europa
Bowie realiseerde zich steeds meer dat zijn mentale en fysieke gezondheid alarmerend slecht was. Hij besloot de VS te verlaten en zich weer in Europa te vestigen. Via Zwitserland en Frankrijk, zou hij uiteindelijk in Berlijn terechtkomen. Met het vertrek uit de VS nam de cocaïne consumptie razendsnel af tot nihil.
Bowie over leven in Los Angeles.
There’s an underlying unease… You can feel it in every avenue… I’ve always been aware of how dubious a position it is to stay here for any length of time.
I look back on some things in total horror… And anyway I began to realise that the environment of Los Angeles, of America, was by this time detrimental to my writing and my work. It was no longer an inspiration to be caught in that environment.
Melody Maker, 29 oktober 1977
Drie jaar later was hij nog wat explicieter: “[L.A.] should be wiped off the face of the earth”.

David Bowie – Station To Station – Heruitgaven
Andere uitgaven
In 1991 en 1999 werd Station To Station opnieuw uitgebracht, geremastered en in het eerste geval met extra (live) nummers. De kleurenhoes werd gebruikt voor deze uitgaven.
In 2010 werd Station To Station uitgebracht in speciale en deluxe edities. Deze uitgave bevatte ook de weergave van het Nassau Coliseum concert dat als onderdeel van de indrukwekkende Isolar Tour werd gegeven op 23 maart 1976, waarvan een deel werd uitgezonden op de Amerikaanse radio.

David Bowie – Live Nassau Coliseum ’76
Live Nassau Coliseum ’76
Op 10 februari 2017 werd Live Nassau Coliseum ’76 als stand-alone (dubbel) live album uitgebracht. Bowie en band brengen de indrukwekkende setlist vol overtuiging , drive en bezieling. Bowie heeft het overduidelijk naar zijn zin en klinkt fel en zeer goed bij stem. David Bowie live op zijn allerbest. Het live album kan niet genoeg worden aangeprezen.
Nummers
Station To Station / Suffragette City / Fame / Word On A Wing / Stay / Waiting For The Man / Queen Bitch / Life On Mars? / Five Years / Panic In Detroit / Changes / TVC 15 / Diamond Dogs / Rebel Rebel / The Jean Genie

Ter afsluiting
Wat vind jij van Station To Station, zijn beste album of toch een overgangsalbum van de plastic soul naar de vernieuwingsdrang van de Berlijn trilogie? Laat het weten!
![]()
Video/Spotify
Bij dit verhaal is een video opgenomen. Klik op de volgende link om deze te zien: Video: David Bowie – Station To Station. De A Pop Life afspeellijst op Spotify is ook aangepast.

